Dames
en heren, MEDIVERA ik wil u bedanken voor deze uitnodiging om te
praten over onverklaarde chronische vermoeidheid. Mijn naam is Theo
Wijlhuizen, internist en werkzaam als bedrijfsarts bij Arbo Unie
een landelijke arbo dienst. Een uitnodiging voor een korte impresie
over oorzaak en behandeling van chronische, ernstige, onverklaarde
vemoeidheid.
Voortaan door mij afgekort met cvs. Er is de laatste jaren veel
bekend geworden over dit ziektebeeld. Ik had het gevoel een heel
boek te kunnen schrijven.
Dat boek heb ik dus geschreven samen met Monique Hamerslag.
Ik hanteer graag het gezond ‘boerenverstand’ model dat
een kind kan begrijpen zonder ingewikkelde ‘hocus pocus’
of door mij genoemd ‘alfa pimeline zuur’ theorieën.
Onderwerpen
die ik wil behandelen zijn:
Doel van de voordracht. Definitie CVS. Inleiding onverklaarde chronische
vermoeidheid.
Hoe ik betrokken raakte bij cvs, Het leven is als een fruitmand,
brand metafoor, gezond verstand cvs model, biologisch substraat,
perceptie/limbisch systeem, patiënt subgroepen naar definitie
en bioolgisch substraat, final common pathway m.b.t. vermoeidheid,
kern van de ziekte, onderzoek, man sieht nur was mann weiss, aantallen
patiënt en en maatschappelijke relevantie van de ziekte, geschiedenis,
klachten, hoofdklacht, differentiaal diagnose, omgevingsfactoren,
Hierna wil ik graag doorgaan met de bespreking van het onderdeel
van het biologisch substraat waar ik meeste betrokkenheid bij heb:
stofwisseling en dan met name aminozuren en vitamine B12
Afhankelijk van de tijd wil ik dan graag neurologische-, hormonale
en immunologische aspecten met u bespreken.
Doel
voordracht:
Met deze voordracht is 4 ledig: In ieder geval wil ik met u proberen
overeenstemming te bereiken over 3 dingen:
1. Chronische vermoeidheid en mogelijke substraten bestaan,
2. chronische vermoeidheid is een multifactorieel probleem en
3. chronische vermoeidheid vereist een multidisciplinaire denkwijze
en aanpak.
Tevens wil ik hierbij een poging doen tot het starten van een samenwerkingsverband
om de basis te leggen voor een vermoeidheidspoli.
Definitie
CVS
De definities van het Centre of Desease Control worden het meest
gebruikt. Kernbegrippen uit deze definitie die voor een deel gesteld
wordt door uitsluiting van van andere ziekten:
6 maanden invalideren de moeheid met geheugen en concentratieproblemen,
niet verkwikkende slaap, keelpijn en op gezette hals-oksel klieren,
pijnlijke spieren en gewrichten zonder ‘ontstekingsverschijnselen
en hoofdpijn met een ander karakter anders dan voorheen. Moeheid
die langer dan 24 uur aanhoudt na een activiteit die tevoren goed
verdragen wordt.
Chronische
vermoeidheid zonder bekende oorzaak
Iedereen komt het vaak tegen, maar iedereen die er geen last van
heeft wil er niets mee te maken hebben.
Ik kende een arts die van rotterdam naar brabant verhuisde en alle
mensen op de polikliniek interne hadden volgens haar last van “mug,
pent, dol” we hebben er hartelijk om gelachen. Het betekent
dat de meerderheid van die patiënt en klaagde over moeheid,
pijn en ‘dol’. Dat laatste hebben we nooit helemaal
kunnen vertalen maar zal op klachten van het hoofd, duizeligheid
geduid hebben. Of was de ‘brainfog’ van de cvs patiënt
? De dikke mist, die men wel eens beschrijft als ‘watten gevoel’.
Ik heb in ieder geval tijdens mijn werkzaamheden veel mensen met
deze diagnose ‘gemist’
Eigenlijk
moet ik u iets verkopen waar u helemaal niet om gevraagd hebt.
Sterker nog ik moet u iets zien te verkopen dat u helemaal niet
wil hebben.
Dit laatste geldt overigens ook voor de patiënt met chronische
vermoeidheid, zeker als hiervoor geen afdoende oorzaak en/of behandeling
wordt gevonden.
Een door mij wel eens toegepaste variant op het trias van Koch ten
aanzien van ernstige vermoeidheid: het mechanisme van vermoeidheid
moet nog worden aangetoond bij mensen die er aan lijden, in het
laboratorium moet het nog geisoleerd worden en er proeven mee gedaan
kunnen worden en indien geïnjecteerd moet het bij gezonde proefpersonen
moet het de zelfde klachten geven: moeheid.
We hebben
het vandaag over ernstige, vooralsnog onverklaarde moeheid, dus
niet de moeheid van de drukke zakenman die met wat rust weer opgeknapt
is. (=casus gespresenteerd in Medisch contact van 7 december 2001.
Er heersen dus zeer veel misverstanden over vermoeidheid, zelfs
bij deskundigen of die zich als zodanig opwerpen.
Een
gouden standaard over vermoeidheid en klassificatie is er nog niet.
Gerandomiseerde, gecontroleerde trials naar medicamenteuze behandelingen
zijn zeer De enkele die er zijn leveren niets op of worden bij andere
centra toch weer niet bevestigd? Hopeloos? Zeker niet.
Elke
vooruitgang van de medische wetenschap begint met verwondering over
het ziektebeeld en betrokkenheid van de arts/onderzoeker bij de
patiënt . De ervaringen met 15 patiënten zijn vastgelegd
in een manuscript.
Dit heeft geleid tot verder bloedonderzoek bij in totaal 45 cvs
patiënten. Dit laatste gaf ons de overtuiging om op deze weg
door te gaan en door middel van een promotieonderzoek verder te
zoeken naar subtypen binnen de cvs populatie.
Enkele jaren geleden waren auto immuun ziekten natuurlijk ook een
grote hoop. Als je daar niets aan doet kom je nooit verder. Enkele
jaren geleden gold dit voor de Myelo Dysplastisch Syndromen.
Pas door het zoeken en vinden van prognostische factoren kom je
verder. Inmiddels is de overleving en kwaliteit van leven van de
groep patiënt en met MDS sterk gestegen zo melde collega Wijermans
onlangs op een symposium.
Dit standpunt geldt volgens mij nu voor de ‘substraatloze’
diagnosen van patiënten met ‘mug, pent, dol’. Blijf
deze diagnosen als een zwarte doos ‘onkruid’ beschouwen
(woorden van een collega in Medisch Contact van 7 december,) en
je zult nooit verder komen.
Pas als je verder kijkt dan je neus lang is ‘weiss man wass
mann sieht’. Het betreft een 100.000 mensen met ernstige onverklaarde
vermoeidheid in nederland met minimaal 560 miljoen gulden kosten
per jaar.
Fruitmand.
Het menselijk leven is als een fruitmand: De ene mand is aan het
begin goed gevuld en bevat meer= en beter appels en peren dan de
andere (erfelijk materiaal). Het beloop varieert door omgevingsfactoren:
wat, door wie, en hoeveel van de schaal gegeten wordt varieert.
Op de bodem ligt altijd hetzelfde briefje voor iedereen: ‘u
gaat dood’.
Hoe
raakte ik als internist betrokken bij chronische vermoeidheid syndroom?
In 1994 was ik werkzaam als internist op de afdeling infectieziekten
van het academisch ziekenhuis leiden en daarna bezig om een eigen
thuiszorgbedrijf op te zetten.
Mijn partner kwam op een gegeven moment begin 1995 oververmoeid
terug uit de tropen, en had zij een longinfectie doorgemaakt waar
zij maar niet van opknapte. Op een gegeven moment moest zij kiezen
tussen thee zetten en douchen op een dag.
Ik was toen in de gelegenheid om mijn toenmalige werkzaamheden te
stoppen en heb eerst getracht om haar er weer bovenop te krijgen.
3 internisten en 2 psychologen verklaarden dat er niets aan de hand
was met mijn partner. De laatste internist vond een marginaal verlaagd
B12 en hoewel andere testen hieromtrent negatief waren heeft hij
toch geadviseerd om haar te suppleren met B12.
Toevallig reageerde zij hier goed op: moeheid, pijn, geheugen, dromen
en slaap verbeterden. Uiteraard was ik ervan overtuigd dat het een
placebo effect zou zijn.
En inderdaad na een tijdje dagen kwamen de klachten retour die welwiswaar
weer verdwenen na een prik.
Die pijnlijke intramusculaire prikken wou ze op een gegeven moment
niet meer, ondanks de tijdelijke ‘werking’.
Toevallig vroegen boksers op mijn sportschool of ik niet van die
sterke ampullen vitamine B12 uit Belgie voor hun had?
Ze gebruikten het als ze in voorbereiding waren voor een wedstrijd,
want dan herstelden ze sneller van zware trainingen.
Op een zaterdag hebben we dat bij een apotheek in Belgie ampullen
‘over de counter’ gekocht en tot mijn verbazing deed
mijn partner langer met die hogere dosi
Daarop heb ik eens overlegd met farmacokineticus herman mattie die
ik nog kende van de afdeling infectieziekten uit leiden en al rekenend
leek mijn partner klachtenvrij te geraken bij een bepaalde, zeer
hoge, bloedspiegel B12.
De vergelijking met penicilline en liquorspiegels drong zich aan
mij op. Mijn partner herstelde binnen 3 maanden tot ongeveer 80%
met goede voeding, bewegen, coaching en 1 keer per week 5000 microgram
hydroxo-cobalamine in 1 milliliter vloeistof.
Na 6 maanden scheurde ik mijn kuit in voorbereiding op een halve
marathon en heeft zij hem na 4 keer trainen uitgelopen! (daarna
kreeg ze wel een tijdelijke terugval).
Ongeveer 15 cvs patiënten reageerden analoog aan mijn partner
toen ik daar de zelfde therapie op uitprobeerde. Ondertussen heeft
mijn partner alle ervaringen in een soort ‘doe het zelf boek’
opgeschreven dat in het voorjaar 2002 uitkomt.
Na een lange zoektocht door nederland bleek dat de deskundigen op
het gebied van vitamine b12 in het Dijkzigt ziekenhuis zaten: oude
leerlingen van voormalig prof. Abels, haematoloog, die hier belangstelling
voor had.
De een is hoofd klinisch chemisch lab, de ander hoofd geriatrie,
een derde hoogleraar biologische psychiatrie en een vierde hoofd
virologie leiden. Deze laatste is gepromoveerd op de acute blokkade
van de vitamine B12 stofwisselling door lachgas.
Brandmetafoor.
Moeheid is een ingewikkeld onderwerp en ik maak graag gebruik van
het vergelijk met vuur (moeheid) om een en ander duidelijk te maken.
(Tussen haakjes vermeld ik het corresponderende item bij vermoeidheid).
Randvoorwaarden voor een brand (ziekte): zuurstof, oorzaak kan velerlei
zijn: een lucifer (oorzaak) bijvoorbeeld, maar het kan net zo goed
een aansteker of vonk zijn.etc.
Omgevingsfactoren (omgevingsfactoren) als temperatuur (operatie,
infectie) kunnen verschillen maar zijn wel noodzakelijk om tot een
brand (vermoeidheidsziekte) te komen, evenals de brandstof (biologisch
substraat) zelf natuurlijk. Als alles mee (tegen!) werkt kan het
komen tot een brand (ziekte), waarbij het blussen(behandeling) vooropstaat.
De rest, (zuurstof, lucifer, temperatuur en brandstof ) zijn wel
van belang, maar hebben minder aandacht.
Pas in dit stadium vindt er meestal een bezoek aan de arts plaats
die er dan geen wijs meer uit kan worden.
Toch is kennis van de voornoemde factoren van belang om de brand
(ziekte) goed te blussen (behandelen). Daarna is nablussen (terugvalpreventie)
minstens zo belangrijk.
Aanleg
en omgevingsfactoren
Aanleg en omgevingsfactoren als infecties, ongevallen, oorlog, rampen,
operaties, gewichtsverlies, slaapstoornissen, copingsstrategieen,
stress, werk- en prive situatie spelen een grote rol
Afhankelijk van getroffen lichaamssystemen (combinatie aanleg en
omgevingsfactoren) vind je klachten en verschijnselen op neurologisch,
endocrinologisch, immunologisch en metabool gebied.
Deze combinatie leidt tot het uiteindelijk klinisch beeld van klachten
verschijnselen lab en rontgen afwijkingen. Want die zijn er wel
degelijk.
Biologisch
substraat:
Hiervoor is bewijs vanuit tweelingsstudies. Ook komt cvs vaker familiair
voor tot wel 15%. Anecdotisch lijkt de verhoogde associatie tussen
ADHD en cvs.
Er zijn talloze aanwijzingen voor de betrokkenheid van centraal
en perifeer zenuwselsel, evenals de hypothalamus, hypofyse en bijnier.
Deze laatste drie dragen bij aan hormonale afwijkingen die consequent
gevonden worden.
Langdurig hoge cortisol spiegels door stress kunnen wel degelijk
tot irreversibele afwijkingen leiden. Neem maar het lymfolytisch
effect van corticosteroiden bij haematologische maligniteiten.
Ook immunologische afwijkingen als gestoorde afweer en overgevoeligheiden
worden constant gemeld.
Last but not least: stofwisselingsstoornisen, waarbij ik me hier
zal beperken tot aminozuren en vitamine B12.
Beïnvloeding
perceptie van sensaties door limbisch systeem.
Het limbisch systeem is van oudsher al bekend als locatie van modificatie
van gevoelens, emoties en motivaties. Afferente prikkels worden
gesignaleerd in diverse gebieden van de hersenen (somatosensorisch,
prefrontaal, thalamus en hypothalamus) daarna worden ze bewerkt
in het limbisch systeem dat kleuren en acties hieraan toekent waarna
er efferente signalen vanuit het centraal zenuwstelsel geleid worden.
Uiteraard is dit een heel ingewikkeld systeem waar van alles bij
mis kan gaan.
Wij denken dat hier een central rol is weggelegd bij de ontsporing
van cvs.
Mogelijk neemt men onvoldoende waar dat de accu leeg is en gaat
men te lang door waar een ander gaat rusten?
Wij denken dat er bij een klein deel van de vermoeide patiënten
sprake is van een aminozuur stoornis die aanleiding kan geven tot
waarnemingsstoornissen. Dit is ook de kern van mijn promotie onderzoek.
Etiketen
(diagnosen) versus biologisch substraat.
Verschillende etiketten of ‘diagnosen’ worden op patiënten
geplakt al naar gelang hun klachten het beste bij de definities
passen: Fibromyalgie, Multi chemical sensitivity, syndroom X, chronische
vermoeidheid syndroom. Dit staat naast de klachten en verschijnselen
die benoemd kunnen worden naar hun biologische substraat: autonome
zenuwstelsel, neuro endocriene stelsel, immunologie en de mate waarin
ze allen overlappen: perceptie en centraal zenuwstelsel processing
stoornis.
Natuurlijk is er ook overlap tussen de etiketten de biologische
substraten, afhankelijk van aanleg en omgevingsfactoren.
Final
common pathway.
De diverse ziektebeelden met verschillende fenotypen met klachten
van pijn, vermoeidheid en cognitieve stoornissen komen waarschijnlijk
ergens te samen in een negatieve vicieuze cirkel waar men niet meer
uitkomt.
Kern
van cvs:
Brain, pain en energy drain: geest wil wel maar lichaam kan niet.
(een radio interview op BNN waarin een meisje vertelde dat zij dolgraag
eens naar de markt wilde en zij een stoel aan de zijkant van het
plein liet zetten zodat de markt zich langs haar voortbewoog omdat
ze zelf daar niet de energie toe had).
Onderzoek:
Er wordt zeer veel onderzoek naar chronische moeheid gedaan. Het
is duidelijk dat de oorzaak en ziekte zelf niet van psychische aard
zijn. cvs is zeker geen depressie. Dit onderscheid is duidelijk
te maken. Ook in het laboratorium. Wel is het zo dat bij de behandeling
en terugval preventie psychische, instandhoudende factoren een rol
kunnen spelen. Hierover later meer bij de behandeling van cvs.
Duisternis?
Mogelijk verkeert u t.a.v. vermoeidheid in onwetendheid of duisternis
en ik zal u dan zo mogelijk eerst nog verder in verwarring brengen.
Ik zal zeker geen oplossing geven, maar misschien een beetje licht,
waardoor er ten aanzien van enkele aspecten bij u een beetje helderheid
zal ontstaan.
Aantal
patiënt en en maatschappelijke relevantie:
1 tot 5 patiënt en per 1000 (prevalentie), ook kinderen, diagnose
vanaf 7 jaar. 40.000 met cvs in nederland, 100.000 ernstig chronisch
vermoeide patiënt en zonder bekende oorzaak, net niet voldoend
aan de definitie voor cvs. Er zijn naar schatting 800.000 patiënt
en met cvs in de de verenigde staten van amerika. De kosten zijn
onlangs berekend voor cvs in nederland en bedragen jaarlijks 560
miljoen gulden.
Geschiedenis:
De klachten bestaan waarschijnlijk al heel lang. In 1750 dook al
de term neurasthenie op die tot heden ten dage in de ICD 10 classificatie
voorkomt, 1956 royal free disease toen een epidemie van gevallen
zich voordeed. Een arts, Ramsay heeft zich sindsdien ingezet voor
het lot van de patiënt en, 1975, myalgisch encephalomyelitis
door de redacteuren van de lancet bedacht vanwege de subfebriele
temperatuur en ontstekingsachtige klachten en betrokkenheid van
het centrale zenuwstel.
Een ontsteking zoals door de uitgang ‘-itis’ gesuggereerd
wordt is nooit gevonden, daarom heeft men in de VS de naam 1990
chronic fatigue syndrome geadopteerd, in 1994 deed de naam yuppie
flu de ronde omdat men dacht dat het alleen de blanke, hard werkende
vrouwen van de hogere klassen betrof.
Degelijk onderzoek heeft inmiddels aangetoond dat iedereen het kan
krijgen. In 1999 erkende men op het wereld congres in Boston voor
het eerst het belang van verschillende stadia van de ziekte en verschillen
in ernst. In 2000 begint men duidelijk een onderzoek naar subtypen
en prognostische factoren. In nederland en engeland gebruikt men
de naam ME (patiënten) en CVS (wetenschappers) vaak tesamen
als me/cvs.
Momenteel denkt de CDC na over de naam central neuro endocrine immuno
dysfunctie syndrome.
Deze naam omvat veel van de lichaamssystemen waarin de klachten
zich kunnen manifesteren.
Hoofdklacht?
Naast een bont scala aan klachten (variërend van griepachtig
gevoel, subfebriele temperatuur, onhandigheid/evenwichtsstoornissen,
alcohol overgevoeligheid en prikkelbare darm) is het vaak onduidelijk
wat de hoofdklacht is. Ook kan die varieren in de tijd.
Terwijl de lijfspreuk van de internist is: wat heeft hij, waar komt
hij voor en wat doen we er aan, kan de cvs patiënt een volgende
keer met een andere hoofdklacht komen
Hier passen natuurlijk de tussentijds verzamelde bloed en rontgenuitslagen
absoluut niet bij!
De normale rode draad in het consult aan de internist is: hoofdklacht
(een co-assistent mocht hier bij mij desnoods 10 minuten over doen
om hier achter te komen, want dat is de kern die tot de oplossing
van het probleem leidt.), anamnese, lichamelijk onderzoek, conclusie
en differentiaal diagnose.
Lichamelijk onderzoek levert vaak weinig op evenals routine laboratorium
onderzoek. Hier loopt de traditionele curatieve geneeskunde dus
vast. Evenals de alternatieve geneeskunde al doet die vaak alsof
ze ‘oplossingen’ hebben die de patiënt vaak handen
vol geld kost.
Wel nemen zij tegen (soms zeer goede) betaling vaak de tijd. En
luisteren zij naar patiënt en.
Hier kunnen wij nog veel van leren.
Ik ken gevallen waarin tot 1000 gulden voor een injectie betaald
wordt of 50.000 gulden bijeen geschraapt wordt om in de VS het gebit
te laten slopen om ‘toxische’ amalgaam vullingen te
laten verwijderen!
De laatste tijd hoor ik zelfs dat men toxische gedachten wil uitbannen.
(dit komt in de buurt van de door cvs patiënten zo verguisde
Cognitieve gedragstherapie?)
Ook de levend bloedanalyse maakt vele mensen ongerust maar ook gelukkig:
zie je wel, als je maar goed kijkt. Die arts heeft tenminste wat
gevonden.
Mensen waarderen het zoeken van een arts enorm. Een cardioloog veranderde
vaak de medicijnen van een patiënt waardoor hij overleed. Maar
de familie was dankbaar. Die dokter heeft tenminste er tenminste
tot het laatste moment alles aan gedaan!
De curatieve sector komt bij de chronisch vermoeide patiënt
vaak niet verder dan de patiënt te feliciteren: gelukkig mevrouw,
u mankeert niks ernstigs! Dood ga je er inderdaad niet aan….
Kern
van de ziekte chronisch vermoeidheids syndroom:
3 woorden: brain, pain energy drain: in het nederlands vertaald:
de geest wil wel maar het lichaam kan niet.
Dit is een essentieel verschil met bijvoorbeeld depressie waar het
initiatief vaak ontbreekt om nog iets te willen. Overigens wordt
een echte depressie gekenmerkt door bloedafwijkingen die je niet
vind bij cvs.
Wel kan de cvs patiënt natuurlijk depressief worden. Helaas
beschermt cvs niet tegen andere ziekten die iedereen kan krijgen
zoals het breken van een been, depressie of infecties.
Dit brengt ons op de differentiaal diagnose:
Differentiaal
diagnose chronische vemoeidheid syndroom
Burnout, somatisatiestoornis, angststoornis, depressie, fibromyalgie,
hartoperatie, syndroom X, Irritable Bowel Syndroom, Hormonaal: addison,
schildklier, menopauze, Multipele Sclerose, haemachromatose, congenitale
of vroeg kinderlijke afwijkingen, infecties, tumor, trauma, ontsteking
en vaatafwijkingen. Verslavingen aan alcohol of drugs, boulemia
en psychiatrische ziekten zijn uitsluitingscriteria.
Gezond
verstand. Eigenlijk is het heel logisch allemaal, niks geen hocus
pocus of mickey mouse gedoe.
Ernstige chronische vermoeidheid is heel goed te verklaren met gewone,
bekende zaken.
Omgevingsfactoren
als aanleiding en begin van het manifest worden van de vermoeidheid.
Operatie (en bijbehorende narcose) worden herhaaldelijk als beginpunt
genoemd.
De veranderde bloedhersenbarriere, stress, slechte voedingstoestand
zijn natuurlijk een goed moment voor een zwakke aanlegplek om manifest
te worden.
Door de narcose verdwijnt bijvoorbeeld de natuurlijke gradient voor
de normaal hogere foliumzuur spiegel in de liquor dan in het bloed.
Anecdotische suppletie van foliumzuur hielp notoire narcose probleempatiënten
moeiteloos wakker worden zonder post narcose klachten.
Infecties door het Ebstein Barr virus vroeger en het Herpes HHV6
virus nu worden vaak als aanleiding voor de ziekte gezien.
Na een jaar heeft nog maar een paar procent van de mensen met de
ziekte van Pfeiffer moeheid ten gevolge van deze ziekte, verklaard
dus.
De rest moet een andere reden hebben. Het zijn natuurlijk wel neurotrope
virussen die ofwel reactief gevonden worden of wel toch iets met
de meningen doen.
Langdurige hoge stress met hoge cortisol spiegels, rampen (Bijlmer),
oorlogssituaties (Cambodja) zijn natuurlijk een enorme aanslag op
de natuurlijke balans van het lichaam.
De kans op voortdurende fight, fright, flight reacties van het lichaam
zijn bijna 100%.
Een ongeval met whiplash kan dunne transport baantjes tussen thalamus
en hypofyse overrekken waardoor de melatonine voorziening in het
gedrang komt.
Slaapritme stoornis sec of door de pijn met een constant jet-lag
of ploegendiensten gevoel is het gevolg.
Tel het jet-lag gevoel bij de oorspronkelijke aandoening op en je
voelt je behoorlijk rottig.
Het volgen van een streng dieet met afbraak van spieren en vrijkomen
van aminozuren als glycine wordt ook wel eens als beginpunt van
een vermoeidheid gezien.
Ook dat is logisch en hoop ik verderop in mijn verhaal toe te lichten.
Andere ziekten met ‘verklaarde vermoeidheid’? kanker,
multipele sclerose, hepatitis,?
Waarom zijn die mensen moe?
Hebben die een geactiveerde moeheidreceptor dan? 30% van alle patiënt
en die met succes gedotterd zijn en bij fietsproeven geen enkele
functibeperking hebben zitten wegens ernstige onverklaarde vermoeidheid
na 18 maanden toch in de WAO, met bloed afwijkingen (uitgeputte
hypofyse bijnier as) vergelijkbaar met dat van het chronisch vermoeidheid
syndroom volgens professor Appels psycholoog uit Maastricht.
Natuurlijk spelen coping strategieën, thuis en werksituatie
een belangrijke rol, evenals sociale steun. Maar het zijn maar omgevings
factoren die een onderdeel vormen van de totale situatie.
Biologisch
substraat
In tegenstelling tot medisch contact van 30 november j.l. waar een
collega in het kader van o.a. cvs nog spreekt van substraatloze
diagnosen zijn die substraten er wel degelijk.
Tientallen publicaties in toonaangevende tijdschriften over dit
onderwerp leveren voldoende onderbouwing voor de aanwezigheid van
substraat: Studies bij tweelingen tonen een duidelijke genetische
component aan. Ook het familair voorkomen (tot 15% wordt gerapporteerd)
wijst in die richting.
Talloze neurologische studies laten een ontregeling zien van het
autonome zenuwstelsel.
Zowel centraal als perifeer. Diverse proeven met stressoren, (kinderen
reageren met verlaagde cortisolreactie na 2 min met hand in koud
water WKZ) en orthostatisch reflex tachycardien (kiep proeven) tonen
dit aan.
Men moet niet de fout maken dat alle klachten bij alle patiënt
en voor moeten komen. Afhankelijk van aanleg, omgevingsfactoren
zal een bepaald lichaamssysteem in meer of mindere mate meedoen.
Maar er moet wel aandacht aan besteed worden.
Endocriene afwijkingen: verminderde groeihormoon afgifte na dexamethason
provocatietest (majeed et al 1994). (Overigens: zonder B12 geen
groeihormoon secretie).
In de hormoonhuishouding van cvs patiënt en valt met name de
uitputting van hypofyse-bijnier-as op. Lage cortisol spiegels in
tegenstelling tot hoge spiegels bij stress en depressie.
Dit kan goed verklaard worden in samenhang met langdurige stress
(die misschien al uitsluitend optreedt ten gevolge van de beperkingen
die men door de moeheid ondervindt).
Stel je maar eens voor dat je een gezonde jonge vrouw of man bent
die plotseling niks meer kan! Daar wordt iedereen toch gestresst
en depressief van?
Als deze situatie maar lang genoeg bestaat kan het wel een eigen
leven gaan leiden. Cytokinen kunnen de hypofyse bijnier as onderdrukken,
evenals via negatieve feedback van de as zelf (onlang proefschrift
over van jeroen visser bij TNO).
Een verminderde afweer ( iedere nederlander heeft 4 subklinische
infecties per jaar, iemand met een chronische aandoening mag er
van mij dan 8 hebben bij verminderde weerstand) en overgevoeligheden
lijken in de richting van een immunologische stoornis te wijzen.
Hiervoor is ook uitgebreid bewijs.
Een verschuiving van cytotoxische Th1 naar humorale Th2 afweer past
in dit kader.
En last
but not least de stofwisseling stoornis.
Vele metabolieten hebben een rol toegedacht gekregen bij chronische
vermoeidheid: lactaat, NADH, carnitine, vitamines, en aminozuren.
Weinig is overeind gebleven. Mijn stelling is: men noemt geen koe
zo bont of er zit wel een vlekje aan, oftewel: ergens zal er wel
een kern van waarheid in zitten.
Ons onderzoek richt zich op de rol van aminozuren en vitamine B12
door de wijze waarop ik betrokken ben geraakt bij cvs. Ook omdat
vitamine B12 ‘mono’ therapie, want ik combineer het
wel met de andere B vitamines in lage dosering en foliumzuur een
veilig, goedkoop en eenvoudig te overziene medicamenteuze ondersteuning
is. Onze bevindingen komen overeen met die van biochemicus Neil
McGregor uit Newcastle, New Zealand die duizenden mensen onderzocht
heeft op aminozuren en voorzien heeft van een aan het aminozuur
profiel aangepast dieet.
Zo vond hij in veel gevallen in de urine de zogenamde CFS-UM 2 stof
die later serine bleek te zijn. Serine is een precursor van glycine.
Glycine is een stof waaraan wij in ons onderzoek een rol in de stofwisselingscomponent
van cvs toedichten. In een later stadium wil de betrokkenheid van
neurologie, endocrinologie en immunologie bespreken als daar vragen
over zijn en/of tijd voor is:
Argumenten
voor betrokkenheid van aminozuren en met name B12 bij cognitie en
cvs zijn zeer talrijk.
Als eerste het basisartikel van Lindenbaum et al in NEJM 1988, 318:1720-28
waarin hij stelt dat er neuropsychiatrische afwijkingen kunnen ontstaan
bij cobalamine deficientie zonder afwijkingen in het bloedbeeld
(macrocytose of anemie).
Hij spreekt hier van een functioneel of relatief tekort voor de
blijkbaar verhoogde behoefte in/van het centrale zenuwstelsel of
weefsel (liquor?) beschikbaarheid van B12.
Een functioneel tekort in tegenstelling tot het absolute tekort
dat natuurlijk ten grondslag ligt aan de bekende pernicieuze anemie
waar maandelijkse suppletie met 1000 microgram i.m. ook afdoende
is.
B12 deficientie veroorzaakt hoge homocysteine spiegels in het bloed,
homocysteine is overigens een onafhankelijke risicofactor op hart
en vaatziekten, even sterk als cholesterol, roken, diabetes, hypertensie
en familiaire aanleg.
In dit verband is al overwogen om foliumzuur toe te voegen aan de
voedingsmiddelen. De universiteit van Wageningen heeft vastgesteld
dat er iets te weinig in ons voedsel zit van foliumzuur. Cyanocobalamine
(de natuurlijke vorm van vitamine B12 wordt door bacteriën
in de grond gemaakt en komt via gras/koeien etc in de voedsel keten.
Zure regen doodt die bacteriën waardoor er mogelijk minder
B12 in de voedsel keten terecht komt. Recente studies tonen aan
dat er een verhoogde behoefte aan B12 kan bestaan.
De huidige aanbevolen dagdosis is 2 microgram per dag.
Een placebo gecontroleerde studie van M. Fenech kwam op een optimale
dagdosis van 7 micrgram en 700 mg foliumzuur bij jong volwassenen.
Hij deed dit op basis van lymfocyten onderzoek.
The role of folic acid and vitamin B12 in genomic stability of human
cells. Mutat Res 2001 Apr 18;475(1-2):57-67.
Strikt vegetarische (macrobiotische) kinderen kunnen daardoor een
achterstand in de cognitieve ontwikkeling oplopen (met name abstract
denken is gestoord (p 0.003) naast stoornissen in ruimtelijk inzicht
en korte termijn geheugen.
(‘verband cobalaminestatus en cognitief vermogen’ artikel
door jan blom over o.a. van dusseldorp (projectleider, wijja van
staveren hoogleraar en vd vijver die hiertoe speciale testen ontwikkelde).
Een verhoogde hoeveelheid methylmalon zuur is een marker voor een
verlaagde cobalamine status.
De de vijfde percentiel waarde van de controle groep is gekozen
als cut off point voor lage waarde: voor cobalamine lag dit op 229
pmol/l, de corresponderende 95e percentielwaarde voor methylmalonzuur
lag in deze groep bij 0,29 micromol/liter. Cobalamine katalyseert
een stap in de vorming van lange keten vetzuren die betrokken zijn
bij de opbouw van zenuwweefsel.
In het voornoemde artikel wordt tevens gesteld dat methylmalonzuur
een belangrijke indicator is van de opbouw van weefsel dat een belangrijke
rol spelen bij cognitieve ontwikkeling.
De vraag of de gevonden afwijkingen reversibel zijn kan wegens gebrek
aan geld voor een interventie studie nog niet beantwoord worden.
Dineke van Asselt heeft recent een proefschrift geschreven: vitamine
B12 en cognitie en hieruit presenteerde zij een stukje op het symposium:
anemie bij ouderen, novotel, rotterdam, november 2001. Zij laat
zien dat er een hoge prevalentie van B12 deficientie is bij ouderen,
een prevalentie van reversibele B12 dementie van 0,3 – 1%
bij bejaarden, een lage B12 is geassocieerd met slechte cognitieve
performance.
De ziekte van Alzheimer staat met bekend om zijn geheugenstoornissen.
Vaatziekten spelen een rol bij de ziekte van Alzheimer.
Er is een omgekeerde relatie tussen foliumzuur en homocysteine in
het bloed en een omgekeerde relatie tussen vitamine B12 en Homocysteine
(Nilsson et al. 1998)
Zij testte 16 gezonde ouderen met een marginaal verlaagd vitamine
B12 en normale cognitieve functie gemeten met de MMSE (groter dan
24). Toch verbeterden de mensen significant op diverse cognitieve
scores na suppletie met vitamine B12.
Een studie op de geheugen polikliniek van Dijkzigt liet zien dat
bij een stgudie naar 14 Alzheimer patiënt en er verstoringen
in het Aminozuur metabolisme was: verlaagd tryptofaan (mogelijk
verminderde serotonerge neurotransmissie) met gedragsstoornissen
als klinisch beeld. Verder verlaagde methionine spiegels en verhoogde
ratio taurine/serine.methionine. Dit kan leiden tot gestoorde transmethyleringsprocessen
met o.a. neurodegeneratie als gevolg.
Tevens vond zij een verhoogde ratio van tyrosine/grote aminozuren.
Dit kan leiden tot verminderde synthese van noradrenaline en dopamine
wat als klinisch beeld agitatie en verwardheid kan geven.
Enkele
elementen die de basis vormen voor mijn proefschrift: subtypen binnen
chronische vermoeidheid geven aanwijzingen voor de betrokkenheid
van aminozuren en vitamine B12: 1.
Ervaringen met glycine loading testen bij transient acute polymorphic
psychose (afgekort APP), 2: verloop van glycine concentraties bij
jonge voetballers van de jeugdselectie van PSV in relatie tot het
optreden van blessures. 3. Plasma glycine concentraties bij patiënten
die leiden aan het chronische vermoeidheid syndroom.
De hersenen zijn voor hun basaal metabolisme (30% van totaal!) afhankelijk
van glucose.
Deze glucose wordt onder andere gebruikt voor het aminozuur serine
dat een belangrijke rol in de hersenen vervult. Serine wordt omgezet
in glycine met behulp van o.a. foliumzuur.
Glycine kan met behulp van foliumzuur en vitamine B12 een koolstof
atoom (methylgroep) leveren aan homocysteine, waardoor dit omgezet
wordt in methionine.
Methionine zelf wordt omgezet in s adenosyl methionine (SAM) en
later via s adenosyl homocysteine (SAH) weer gerecycled naar homocysteine.
SAM levert de bouwstof voor zenuwweefsel.
Methylmalonzuur wordt omgezet naar succinyl co A met behulp van
vitamine B12.
1. Eerste onderzoek APP1 (artikel in Amino Acids door Durk Fekkes
et al in 1997). Door een te hard werkend enzym SHMT (serine hydroxy
methyl transferase) neemt de omzetting van serine naar glycine toe
en ontstaat er een lage plasma spiegel aan serine en een overmaat
aan glycine. De overmaat glycine wordt afgebroken maar bevordert
ook dat er meer 5,10 methyleen FH4 dat afgebroken wordt in FH4 en
formaldehyde (pijn), verdere afbraakproducten van dat pathway zijn:
beta iso quinolines: stoffen met een LSD achtige werking als de
persoonlijkheid hiervoor gevoelig is.
2. Klinische verschijnselen van APP zijn perceptie of waarnemingsstoornissen
van objecten, kleuren, ruimte, lichaam en tijd. Ook visuele en auditieve
hallucinaties en plotselinge stemmingswisselingen.
3. Een loading test bij 34 APP patiënten met serine, glycine
en alanine gaf bij 17(50%) klachten van verlammende moeheid, sommige
moesten enkele uren op een brancard doorbrengen, algeheel onwelbevinden,
en gebrek aan concentratie en vegetatieve klachten.
4. Kliniek bij glycine (vermoeidheid) mogelijk tgv spinale inhibitie,
pijn ten gevolge van formaldehyde vorming, en neurocognitieve klachten
door vorming van LSD achtige stoffen?
a. Tweede onderzoek: 12 Gezonde sporters uit de jeugdselectie van
PSV (14-17 jaar) werden van gedurende het voetbalseizon van november-augustus
gevolgd op het optreden van blessures.
b. De groep met lagere glycine had meer ‘accident proneness’
gedurende het hele seizoen.
c. Conclusie: heeft gebrek aan remming in het zenuwstelsel te maken
met verhoogde blessure gevoeligheid?
1. Derde onderzoek: van 45 cvs patiënten (7 mannen en 38 vrouwen)
leeftijd 21-58 jaar, voldoend aan de Holmes criteria en intensieve
medische screening om andere oorzaken van hun klachten uit te sluiten,
werd bloedonderzoek gedaan op aminozuurspectrum. 19% (7 van de 38
vrouwen) heet een sterk verhoogd plasma glycine ( gemiddeld 367
+/- 50 standaard deviatie micromol/liter) bij een controle groep
van gemiddelde 220 +/- 44 Standaard Deviatie met spreiding tussen
132 en 302. De controlegroep bestaat uit ongeveer 100 gezonde vrouwen.
Liquor
spiegels B12: Andere overwegingen t.a.v liquor spiegels versus bloedspiegels
van B12
• meeste studies zijn gebaseerd op bloedspiegels
• normaalwaarden in de voeding zijn gebaseerd op sterk verouderde
onderzoeken
• er is een uitwisseling tussen bloed en levervoorraad
• B12 wordt actief uit de liquor gepompt en lekt er passief
weer in op basis van gradient. Die is 5:1 in bloed versus liquor,
omgekeerd overigens aan foliumzuur gradient, die laatste daalt bij
narcose.
• Er is weinig bekend over weefselspiegels van B12
• Er is 1 artikel over lage vitamine B12 en hoge homocysteine
in de liquor van Regland (zweden) bij cvs patiënten, uit die
zelfde onderzoeksgroep (Evengard) is in 1998 een poster gepresenteerd
op het tweejaarlijkse AACFS congres in San Francisco waarbij bij
10 van de 16 onderzochte patiënten zelfs de B12 in de liquor
onder de detectiegrens (3,7 picomol/l) lag bij normale bloed foliumzuur
en vitamine B12 spiegels. Men speculeert over afwijkend transport
over bloedhersenbarriere en/of verhoogd verbruik en/of afbraak in
de hersenen.
• Doseringsonderzoeken over werkzame liquor spiegels ontbreken.
• In Belgie zijn hoge doseringen (5000 microgram per ampul)
geregistreed voor pijnbestrijding en vrij verkoopbaar aan particulieren.
• Internationaal blijken hoge doseringen gebruikt te worden
bij cvs en werkzaam.(10.000 microgram per dag. Dit komt overeen
met onze eigen (beperkte ) goede ervaringen 1 tot 3 maal per week
5000 microgram per milliliter.
• Bij een cyanide vergiftiging wordt veilig zeer hoge dosering
B12 gebruikt: 5 gram infusies (Houeto, Lancet 1995 346:605-08)
Hormonale
stoornis?
Zowel cortisol, hypothalamus, hypofyse, hypofysie bijnieras als
melatonine worden vaak genoemd in relatie tot cvs. Een bekend fenomeen
is de hoge cortisol bij de klassieke, vitale depressie. Bij cvs
is het kenmerk vaak dat er een lage cortisol spiegel aanwezig is.
Men duidt dit als een ‘uitputting’ van de hypofyse bijnier
as door (te) lange hoge waarden die bijvoorbeeld ten gevolge van
de stress van de ziekte aanwezig is geweest. Diverse studies met
fysiologische suppplering van de cortisol, door bijvoorbeeld hydrocortison
geven nog geen eenduidige resulaten.
Evengard
De zweedse onderzoekster evengard laat zien dat er een duidelijk
onderscheid is tussen controles met de hoogste cortisol waarden,
burnout en cvs patiënten die de laagste cortisol hadden.
Aerobic
exercise deprivatie
Clauw, gerenommeerd onderzoeker uit Bethesda laat een onderzoek
zien op het 2 jaarlijkse wereldcongres van de amerikaanse associciaton
voor cfs (artsen) dat bij een gezonde groep, sportende vrijwilligers
door middel van een lager cortisol onderscheid gemaakt kan worden
tussen mensen die na stoppen met sporten cvs achtige symptomen krijgen!
Immunologische
stoornis?
Hier wordt zeer veel over geschreven en onderzocht, ook al omdat
het voor de industrie aantrekkelijk is: Ampligen met kosten van
10.000+gulden per maand, ontwikeld als anti HIV medicijn lijkt wat
ingang te hebben bij cvs. Het is het verband met RnaseL, en met
name het kleine 30 KDa fragment dat verhoogd worden gevonden bij
me/cvs. Het activeert een virus messenger degradatie pathway.
NK cytoxiciteit.
Natural killer cellen lijken verminderde activiteit te hebben. Een
mogelijke verklaring hiervoor is de verminderde aanwezigheid van
een werkzame stof perforine: Deze maakt de celmembraan van een doelwit
lek, waardoor enzymen naar binnen kunnen die voor apoptose (celdood)
zorgen.
Overeenkomsten met muizen experimenten en een vroegkinderlijke ziekte
Familiaire Hemofagische Lymfohistiocytose zijn: activatie van het
immuun systeem met overgevoeligheidsreactgies en onvoldoende cytotoxiciteit.
Een
veel terugkerende probleem is dat een verschoven immuun profiel
van Th1 naar Th2. De eerste met cytotoxiciteit, interferon en de
tweede meer B-cel , humoraal en IGE gemedieerde reacties. Nancy
Klimas is een vooraanstaand haematologe op cvs gebied. Zij heeft
een experiment gedaan waarbij zij via perifere bloedafname, Th1
profiel cellen selecteerd en die opkweekte in vitro en via autologe
transplantatie weer aan de patiënten teruggaf. Deze kregen
een opmerkelijke verbetering in conditie en afname van ziekteverschijnselen.,
Voedsel
intolerantie. Een zeer groot deel van cvs patiënten rapporteert
intolerantie voor allerlei soorten voedsel. Mogelijk speelt overgevoeligheid
en/of veranderde darmflora en motiliteitsstoornissen (autonome zenuwstelsel?)
hierin een rol.
Negatieve
vicieuze cirkel. Te vergelijken met een enorm veld domino steentjes.
Zet dat maar weer eens overeind. 1 tegelijk , en dan valt de rest
vaak weer om?
Waar
ligt de opening?
Die ligt in subgroepen. Indeling in fasen, ernst, klachten, verschijnselen,
omgevingsfactoren biologische substraat, beloop, coping, en overgoten
met een sausje van onvoorspelbare variabiliteit.
Behandeling
CVS
multifactorieel
(4pijlers:voeding, bewegen, coaching en medicijnen)
individueel
(subtype)
flexibel
(inspelen op nieuwe klachten)
dynamisch
(stapje terug kunnen doen als arts)
Psychologisch
model Nijmegen.
Het belangrijkste is hierbij het gevoel dat men zelf de klachten
kan beïnvloeden. Naast het toeschrijven van klachten aan “ongevonden’
lichamelijke oorzaken, heeft dit invloed op de lichamelijke activiteit,
die zich weerspiegelt in beperkingen. Eindsymptoom is de moeheid.
Als verklaringsmodel hanteren zij: activiteitspieken die belastbaarheid
verminderen. Daarna geleidelijke opbouw door middel van graded excercise
en cognitieve gedragstherapie waar afgerekend wordt met verkeerde
cognities en attributies. Een deel (30%) knapt daarmee op na 18
maanden.
Dus
het moet iets anders.
Behandeling: centrale item hierbij is volgens mij de (h) erkenning
van subtypen en afhankelijk daarvan op maat gesneden multidisciplinaire
therapie waarbij voeding, bewegen coaching en medicamenteuze ondersteuning
centraal staan. ‘procentjes’ sprokkelen. Heb je 15%
bij elkaar gesprokkeld dan kan het lichaam het zelf vaak weer aan.
Conditie opbouwen kost tijd: 3-6 maanden, als er geen gekke dingen
tussen door gebeuren! Vergelijk het trainen voor een marathon.
Subtypen
als begin van prognostische factoren.
•
fase
• ernst
• klachten
• verschijnselen
• omgevingsfactoren
• biologisch substraat
• beloop
• coping
• onvoorspelbare variabiliteit
Voeding:
bioimpedantie analyse en daarna volgens de richtlijnen van het voedingscentrum,
koolhydraten afhankelijk van de hoeveelheid spiermassa. Vermijden
van tussendoortjes.
Bewegen:
microfit test, dagelijks: lenigheid, kracht, coördinatie, uithoudingsvermogen,
op geleide hartslag, op geleide klachten, logboek!!, maandelijks
evaluatie fysiotherapeut.
Logboek:
• nadere diagnostiek
• intrinsiek therapeutisch effect
• bijsturen therapie interventies
• verslaglegging evaluatie (wet verbetering poortwachter)
• dagelijks 7 items in excel: moeheid, slaap, pijn, duizeligheid,
stemming, activiteiten, vrij item
• wekelijks gevalideerde Verkorte Vermoeidheids Vragenlijst
uit Nijmegen
• geven lijnen een patroon herkenning en ideeen voor andere
aanpak als de patiënt een terugval heeft?
Medicamenteuze
ondersteuning
Symptomatisch
afhankelijk van subgroep:
• pijnbestrijding
• infectiebestrijding (on demand?)
• slaapstoornis (melatonine?)
• cognitie/geheugen B12/b complex/foliumzuur
• carnitine?
• Beta blokker?
• Amitryptiline?
Randvoorwaarden
en voorstel voor behandeling (locatie?)
• papieren intake met tevoren opgestuurde vragenlijsten door
doktersassistente/evaringsdeskundige (nijmegen doet dit 2 uur via
computer)
• gesprek met en beoordeling door arts eventueel consult collega’s
of uitgebreide intake zinvol is, zo niet, eenvoudige leefstijladviezen
• zo ja: uitgebreide intake met team:=>bia meting, microfit
test, beoordeling fysiotherapeut, psycholoog en uitgebreider lab/rontgen
onderzoek.
• evaluatie met team: indien groen licht (ook financiering!):
• vervolgtraject met logboeken, sportmedische fitness, coaching,
medicijnen en terugkom dagen.
• Evaluatie met gestandaardiseerde vragenlijsten, bij voorkeur
in trialverband
T. Wijlhuizen, internist/ bedrijfsarts
www. altijdmoe.info hetgaatmaardoor@planet.nl 084-8667564
|